Toon alles (1)

‘Geen idee waar ik vandaan kwam’
Daarna ging het snel. De Jeanine Parqui naderde al stampend de sloep en toen de schepen elkaar tot op enkele centimeters waren genaderd, waagde Jerrij de sprong. ‘Ik had een richeltje van ongeveer tien centimeter om op te staan. Ik hing dus meer aan het bootje dan dat ik mogelijkheden had om te staan. Wél kon ik door een dakluik de gewonde man aanspreken. Die zat onderuit gezakt op een stoeltje, met om hem heen veel bloed. De man keek mij verdwaasd aan, waarschijnlijk geen idee hebbend waar ik vandaan kwam’.
 
‘Hij kon niet verder’ 
De reactie van de zeeman bleek het volgende probleem. De man zei absoluut niet in staat te zijn om het scheepje te verlaten. ‘Gedurende ongeveer twintig minuten heb ik op de man ingepraat. Daarbij heb ik hem – schreeuwend om boven het geraas van wind en golven uit te komen – de verschillende opties voorgehouden. Als we niets zouden doen, zou het slecht met de man aflopen. En als we de sloep op sleeptouw zouden moeten nemen, dan zou de terugreis naar Hoek van Holland uren gaan duren. Het was maar zeer de vraag of de man het nog zo lang zou volhouden. Opeens bleek de man vatbaar voor mijn argumenten en kwam hij een beetje overeind. Ik gebruikte die stap door hem met een uiterste krachtsinspanning op het dak van de sloep te trekken. Daar bleef de man liggen. Hij kon en wilde niet verder’.
 
Redding geslaagd 
Zonder overleg riep Bezuyen de reddingboot langszij. Nadat Van der Sar erin geslaagd was de reddingboot tegen de sloep te varen, trok Bezuyen de zeeman in de richting van drie aan dek staande opstappers. ‘John, Wouter en Martijn kregen de man te pakken en sleurden hem aan dek van de reddingboot. Ikzelf sprong erachteraan. De redding was geslaagd…’
De geredde werd op de gereddenbank gelegd en de Jeanine Parqui stoomde volle kracht terug naar de Berghaven. ‘Daar stapte ik boordevol adrenaline als eerste op de kant. Ik wilde even alleen zijn. Maar na een paar stappen werd ik door één van mijn collega’s teruggeroepen. De geredde wilde mij spreken’. Bezuyen sprong terug aan boord en meldde zich bij de Litouwer. Diens boodschap was kort, maar krachtig: Thank you, thank you, thank you. You are a brave man…’
 
Ontlading is groot
Van der Sar: ‘De ontlading was enorm. Er had zó veel mis kunnen gaan, maar we hebben het samen geflikt. Ik loop al wat jaartjes mee, maar de combinatie van trots en opluchting was zelden zó groot. Ik vergelijk het met onze reis naar het kraanschip Zhen Hua 10, in zeer zware storm. Toen werden we kort onder het strand door een enorme zee meegenomen. We maakten toen zó veel slagzij dat de motoren bijna afsloegen. Als dat was gebeurd, hadden we nu met onze namen op het monument gestaan… Kom je na zo’n reis behouden thuis, dan is de ontlading ook groot.’
Jerrij knikt gelaten. ‘Stom dat je dat soort extreme dingen weer ‘vergeet’. Maar geloof me: de redding van deze gewonde zeeman vergeet ik nóóit meer…’
 
2/2
gerelateerde items