Geen

22 september 2010
Opinie | | (Social) Impact

Toen Start Foundation-directeur Jos Verhoeven vorig jaar de knuppel in het hoenderhok van de de alom gerespecteerde Transparant Prijs (voor het beste jaarverslag) wierp, maakte hij meer los dan hij toen bevroedde. Verhoeven meende dat de Prijs te weinig oog had voor de impact van fondsen en te veel bleef hangen in op accountancy geënte transparantie, vanouds het domein van founding sponsor PWC.

Het lijkt er verdacht veel op dat Verhoeven de motor is voor het enthousiasme waarmee PWC/Stichting Civil Society en de Transparant Prijs zich nu op het thema impact hebben gestort, maar een "Impact Prijs" lijkt nog enkele bruggen te ver. Het Erasmus Centre for Strategic Philanthropy dat zich in een verkennend onderzoek over de vraag boog of zo'n Impact Prijs wel haalbaar is, kwam niet geheel verrassend tot de conclusie dat er nog te veel beren over de impactweg zwalken. Ook zijn er te veel appels en peren in de heterogene filantropiesector: om die te vergelijken is ondoenlijk, zowel methodologisch als praktisch. Die conclusie mocht je verwachten van een academisch instituut. Maar is zij ook terecht? I beg to differ.

Geen serieus mens zal beweren dat de jaarlijkse uitverkiezing van Miss Universe ook strikt objectief de schoonste vrouw deez' planeet aanwijst. Geen seconde heb ik ooit de illusie gehad dat de verkiezing van de "meest invloedrijke speler in de filantropie" (FM50) harder zou zijn dan een pakje roomboter. En zelfs voor de huidige Transparant Prijs geldt dat de zachte wegingsfactoren en het eindoordeel van de jury geen strikt wetenschappelijk proces is dat tot een onontkoombare conclusie moet leiden. En dat geldt voor nog heel veel meer prijzen omdat zij een andere functie hebben dan die van een academische optelsom. Ze zijn bedoeld om een onderwerp te agenderen, levend te houden en om aan te moedigen. Het gekrakeel en tumult dat doorgaans losbarst over de al dan niet vermeende bevooroordeeldheid van de jury is hierbij eerder een mediagenieke wenselijkheid dan een argument ten nadele.

En zo zou ik willen pleiten voor een Impact Prijs, die mogelijk startend als deelprijs van de Transparant Prijs toch kan worden toegekend om aandacht te vragen voor misschien wel de allerbelangrijkste vraag binnen onze sector: waar doen we het allemaal voor? Transparantie is de nederige dienaar van impact. Niet andersom. Graag zou ik SROI-profeet dr. Peter Scholten als mijn kroongetuige oproepen: "Het streven naar objectiviteit is een illusie. Aanvaard dat subjectiviteit ‘a fact of life' is." Alle "harde" waarden uit financieel-economische reportages vormen een rivier van gemiddeld 1 meter diep, waarin u en uw objectiviteit evenzo gemakkelijk kunnen verzuipen als u zich kunt verslikken in de vele appels en peren die een hinderpaal voor de Impact Prijs zouden vormen. Ik heb thuis geleerd dat appels en peren beide tot het fruit gerekend worden.

Waar een wil is, is een Impact Prijs.
I rest my case.