Vermogensfondsen in actie voor jongeren

Vermogensfondsen in actie voor jongeren
Vermogensfondsen in actie voor jongeren
15 april 2014
Nieuws | | Vermogensfondsen

door Miriam Wijnen

Met het oog op de hoge jeugdwerkloosheid en de grote veranderingen in de jeugdzorg koos de FIN voor haar jaarbijeenkomst een thema  met hoge urgentie. ‘Hebben jongeren de toekomst?’ ‘Ja’, was de conclusie aan het eind van de dag. Maar aan die toekomst hebben fondsen wel een fikse bijdrage te leveren. Meer samenwerken - zeker ook met de gemeentes - , kennis delen en blijven focussen op de wezenlijke zaken die jongeren sterker maken. Dat is de opdracht waarmee vermogensfondsen aan de slag gaan.

Werk, pleegzorg, een duurzame wereld en cultuur voor jongeren, en een goede relatie met ouderen. Wat kunnen vermogensfondsen hierin betekenen, zeker nu de overheid de geldkraan op allerlei gebieden dichtdraait? Dat bespraken fondsen met elkaar en met jongeren. De context voor de discussies werd aangebracht door hoogleraar pedagogiek Micha de Winter, die betoogde dat sterke sociale netwerken onmisbaar zijn om jongeren goed te laten opgroeien.

Opvoedingsnetwerk
‘Opvoeden is een privéproject van ouders geworden. Iets zeggen over de opvoeding van het kind van een ander is taboe. Maar juist de netwerken van burgers kunnen ons helpen problemen aan te pakken. Bijvoorbeeld de kans op kindermishandeling is lager in buurten met sterke netwerken, waar volwassenen elkaar kennen en toezicht willen houden op elkaars kinderen, en waar een sterk verenigingsleven is.’ Het ontbreken van sociale netwerken is volgens De Winter een belangrijke oorzaak van de explosief groeiende vraag naar jeugdzorg. ‘Als je geen netwerk hebt, ga je met problemen naar de professionele jeugdzorg. Je moet wel.’ De rol die vermogensfondsen in dit geheel kunnen spelen, is helder: ‘Versterk de netwerken rond opvoeden.’

Position paper
‘Vandaag willen we de opdracht formuleren die fondsen in 2014 hebben bij de ondersteuning van jongeren. Die wordt opgeschreven in een position paper’, zegt Sanne ten Bokkel Huinink. Hij werkt voor een typisch ‘jongerenfonds’; de Haagse Stichting Boschuysen die jeugdprojecten ondersteunt. Ter gelegenheid van het 450-jarig jubileum ontwikkelde de stichting het middagprogramma voor de FIN-bijeenkomst in de Haagse Kloosterkerk.
Gedurende de middag wordt duidelijk dat fondsen jongeren - en hun problemen - van dichtbij kennen. Hoewel er op allerlei gebieden al veel gebeurt, van werkprojecten tot cultuur en groene schoolpleinen, voelt men de urgentie om nog meer te doen.

Handschoen oppakken
‘We moeten de handschoen oppakken, zeggen fondsen over de pleegzorg.’ Aan het woord is Odilia van Manen, programmamanager pleegzorg van Stichting Kinderpostzegels. ‘Nog steeds verblijven duizenden jongeren in internaten terwijl ze een pleeggezin nodig hebben. En het aantal uithuisplaatsingen neemt nog steeds toe. Vermogensfondsen zien het als hun taak om de gemeentes te helpen om goede pleeggezinnen te vinden. Ze dragen vaak bij aan de realisatie of inrichting van pleegzorg-gezinshuizen. Ook willen fondsen zich inzetten voor zelforganisaties van pleegjongeren. En ze pleiten voor een hoogleraar Pleegzorg.’

Samenwerken voor werk
Willem Greving, projectcoördinator voor Stichting Boschuysen: ‘Veel fondsen zetten zich in voor scholing, dagbesteding en werk, vooral voor jongeren met minder kansen. Vandaag kwamen FIN-leden tot de verklaring  dat er meer samenwerking moet komen. Tussen fondsen, maar ook tussen sociale initiatieven, zodat ze gezamenlijk aanvragen kunnen indienen. Dit was de conclusie van een gesprek van fondsen met jongeren uit het Haagse project Sleutelen met jongeren.’

Cultuur en natuur
Adriana Esmeijer, directeur Prins Bernhard Cultuurfonds, kwam naar de FIN-bijeenkomst met jongeren uit de projecten Kunstbende en DOX die hun acteer- dans- en zangtalent lieten zien. Namens de fondsen die spraken over cultuur, riep Esmeijer op tot meer aandacht voor jongeren tussen 13 en 24 jaar. ‘Laten we meer doen voor die groep. Er is een hiaat in het aanbod en de financiering van kunst voor deze jongeren.’
Ignaz Anderson, directeur Iona Stichting, deed een oproep rondom natuur en duurzaamheid. ‘Laten we als fondsen zorgen dat er thuis en op school aandacht is voor de wezenlijke dingen: natuur, groen, natuurwijsheid. Kinderen bloeien op in de natuur.’

De Onderscheiding
Michel Nivard (Fonds 1818) gaf namens de discussiegroep ‘Jongeren en ouderen’ aan dat de beeldvorming over jongeren vrij negatief is. Dit werkt belemmerend voor projecten die jongeren en ouderen samenbrengen. ‘Voor deze projecten, waarbij de financiering lastig is, vormt De Onderscheiding een goede kans.’

Actie!
‘Meer samenwerken, ook met de overheid, en wat we doen nog beter doen. Niet alleen vóór, maar juist ook mét jongeren.’ Zo luidde in grote lijnen de conclusie aan het eind van de dag. Sanne ten Bokkel Huinink: ‘We hebben een voorzet gegeven. De groepen hadden te weinig tijd om hun thema uit te diepen. Dat moet de komende tijd gebeuren. Het is dus tijd voor actie!’