IFC 2016: ijzersterke editie stelt de juiste vragen

26 oktober 2016, 18:00
Key note-spreker Amanda Palmer hield een pleidooi voor de kunst van het vragen.
Key note-spreker Amanda Palmer hield een pleidooi voor de kunst van het vragen.
Al ruim dertig jaar hét fondsenwerversevent in Europa: het International Fundraising Congress in Noordwijk. En het is ze weer gelukt: de editie van 2016 was frisser en gedurfder dan ooit. Bijna 1000 deelnemers, 168 sessies en 119 sprekers hadden hetzelfde doel: het bouwen aan een generatie krachtige en kritische fondsenwervers. Motto dit jaar: Asking the Right Questions.
 
Publiek trekken, inspireren en vasthouden
Elk jaar opnieuw weet organisator The Resource Alliance (van wie het IFC een van de kernactiviteiten is) een nieuwe generatie fondsenwervers en marketeers te vormen en uit te dagen. Voor een brede visie op hoe ngo’s een publiek -en in toenemende mate bedrijven- kunnen inspireren en vasthouden, ben je hier aan het juiste adres.
 
Zelfbewuste en subversieve fondsenwervers
Simone Yoyeux, eminence grise uit de Angelsaksische fondsenwerfwereld: ‘Het gaat er niet om dat je hier de laatste technische snufjes ontdekt. Dat kan, maar dat kan ook elders. Wat het IFC wil, is fondsenwervers, en het overige kader van ngo’s, ‘empoweren’ en wapenen met inzicht en visie. Dat betekent de kritische vragen stellen aan je CEO en aan je board. Dat betekent soms subversief zijn binnen je organisatie.’
 
Amanda Palmer: ruim een miljoen gecrowdfund
De toon werd gezet met de opening door de eigenzinnige zangeres/activiste Amanda (‘Fucking’) Palmer, die begon als levend standbeeld (‘Heb ik veel van geleerd over communicatie en interactie’) en vervolgens via crowdfunding ruim een miljoen dollar bijeenbracht voor haar album. Palmers ambitie: een totale revolutie in de distributie van muziek.
Palmer hield een pleidooi voor de kunst van het vragen. ‘Wie beschroomd is om om hulp of geld of liefde te vragen, zal het nooit krijgen. Elkaar dingen geven is het basisweefsel van ons menszijn. Elkaar iets vragen en iets geven betekent dat elkaar zien. Geld vragen en krijgen is een menselijke interactie die uiteindelijk niet om geld draait. Een gift is iets wat je doorgeeft.’
 
Mensen willen iets groots doen
Palmers opening zette de toon voor het IFC van 2016: vind de mensen die jouw waarden delen, dan pas is er interactie mogelijk. En die eerste fase van de interactie is in hoge mate digitaal geworden.
Daarna wil de betrokken, mondige achterban méér. Meepraten, meewerken, meebeslissen. Campaigners van presidentskandidaat Team Bernie Sanders startten met digitale communicatie, die al snel uitmondde in kleinschalige bijeenkomsten waar Bernie-fans zélf verantwoordelijkheid kregen voor de verspreiding van de campagne. ‘Heel ouderwets eigenlijk, en heel succesvol.’
Ook Team Bernie benadrukte: ‘Email en social media zijn fantastisch (You can’t mail too often) maar wat mensen écht willen, is elkaar ontmoeten en samenwerken voor een groter doel. Do something big.’ Kerngedachte: als campagneteam moet je loslaten dat je zelf alles moet doen. De achterban doet het voor je. Zelfs beter dan jij het kunt.’
 
Trends
Belangrijke trend in de ngo-wereld: virtual reality (‘Binnenkort kunnen we mensen een beetje laten ervaren hoe een oerwoud of een vluchtelingenkamp aanvoelt.’
Veel aandacht ook voor de samenwerking met de corporate wereld. ‘Don’t undersell yourself!’
Lastig voor vrijwel alle ngo’s: hoe gaan we om met de mid-value gevers? Een schat aan geld, relaties en impact, die zich meestal verborgen houdt in je eigen database.
 
Van poverty porn naar dignity
De communicatie van ngo’s gaat gepaard met lastige dilemma’s. Save the Children deed i.s.m. Plymouth University een uitgebreid onderzoek naar het gebruik van beeld door ngo’s. Lastige vragen: is alles geoorloofd als het geld binnenbrengt? Brengt een uitgeteerd kind (de zogenaamde Poverty Porn) écht meer geld op dan een gezond kind dat geholpen is door de bewuste ngo? En: het allerbelangrijkst: wat vinden de afgebeelden er eigenlijk zelf van? De antwoorden zijn verrassend genuanceerd. Vaak hebben de gefilmde en gefotografeerde benificianten zelf heel goed door wat de camera vraagt en willen ze dat ook wel bieden. Mét een kanttekening: ‘Laat naast mijn doodzieke zoontje dan ook mijn dochter in haar mooiste jurk zien, die zojuist haar high school diploma heeft gehaald.’ Ook het proces van filmen/fotograferen is belangrijk: ‘Ik wil niet dat ze hier even snel onze waardigheid komen roven. Maar als ze een paar dagen blijven, mogen ze alles zien.’
Inderdaad: ook hier draait het weer om menselijk contact. Om elkaar werkelijk te zien.
 
►Meer informatie: www.resource-alliance.org/ifc
 
gerelateerde items