Fons van Westerloo: RCO House privaat gedragen

11 april 2019, 06:00
Fons van Westerloo: RCO House privaat gedragen
Fons van Westerloo: RCO House privaat gedragen
Steun voor fondsenwervers vanuit de boardroom van hun organisatie is van groot belang voor succesvolle werving. In dit artikel aan het woord:  Fons van Westerloo, bestuursvoorzitter van de RCO Foundation van het Royal Concertgebouw Orchestra of Koninklijk Concertgebouworkest, en hoofd Development Anne Christin Erbe.*

RS: Moeten bestuurders zich volgens u inzetten voor de fondsenwerving van hun goede doelenorganisatie?

FvW: ‘Zelf geven als bestuurslid vind ik essentieel- zeker de voorzitter moet het goede voorbeeld geven. Je kunt niet overtuigend anderen om donaties vragen als je zelf niks doet. Het is een pré als je, zoals ik, well to do bent. Je kunt vaker bijdragen waardoor je als gever zichtbaar bent- dat kan anderen inspireren. Verder zet ik zoveel mogelijk mijn netwerk in om donateurs te helpen werven. In mijn geval zitten die contacten vooral in de hoek van de omroepwereld en het bedrijfsleven. En als voorzitter onderhoud ik intensief contact met gevers, om te horen wat mensen vinden en willen. Per maand besteed ik zo’n vijf dagen aan bestuurswerkzaamheden, plus natuurlijk de concertbezoeken ’s avonds.’ 
 
RS: Staan daar privileges tegenover?
FvW: ‘De bestuursfuncties zijn onbezoldigd, maar er zijn voor ons altijd kaartjes beschikbaar voor concerten van het Concertgebouworkest en we mogen altijd mee als het orkest op tournee gaat. Uiteraard gebeurt dat wel op eigen kosten. Die bekende ‘strijkstok’ van overheadkosten, die wil je niet zelf zijn.’
 
RS: Overlegt het bestuur met de afdeling fondsenwerving en hoe is de taakverdeling?
FvW: ‘De afdeling Development is leidend bij de acquisitie, we overleggen geregeld over potentiële nieuwe gevers waarbij bestuursleden suggesties doen. Of ons wordt gevraagd of we een bepaalde persoon kennen, of iemand in de top van een bedrijf dat ze willen benaderen. Als bestuurder die pro bono geeft, ben je gelijkwaardiger aan een grote gever of sponsor dan een medewerker- dat moet je benutten. Alle bestuursleden zijn inzetbaar voor de werving, we zijn immers een fondsenwervende stichting! Ook doneert ieder bestuurslid- uiteraard naar vermogen, maar je moet wel ietsdoen. Een wervingskans is ook om een huisconcert te laten geven door leden van het orkest; dat heb ik een keer thuis georganiseerd en dat leverde 270.000 euro op. ‘
 
RS: De afgelopen jaren heeft de foundation vooral geworven voor nieuwe huisvesting van het orkest: het RCO House. Hoeveel was er nodig en wie waren de belangrijkste groepen  gevers? 
FvW: ‘We hadden tien miljoen nodig voor de aankoop en verbouwing van dit oude pand van Berlage, op een steenworp van het Concertgebouw waarvan het orkst de vaste bespeler is. Dat bedrag hebben we ruim gehaald, in ruim twee jaar tijd. De donaties komen voor maar liefst 75% van particulieren, daar zijn we trots op. Het RCO House biedt orkestleden state of the art repetitieruimtes, een eigen muziekzaal voor honderd mensen, ontvangstruimtes en natuurlijk de kantoren van de staf. Bovenop die tien miljoen hebben we nog twee miljoen geworven voor programmering en educatieve  projecten. Ieder jaar initieert het orkest een speciaal project waarmee het ook maatschappelijk zichtbaar is. De afgelopen twee jaar was dat RCO Meets Europe met het programma Side by Side, dat het mogelijk maakte voor jonge muziektalenten in iedere lidstaat van de Europese Unie een keer mee te spelen met het orkest. We gaan dat project vervolgen met de oprichting van een internationaal jeugdorkest: RCO Young. Daarin kunnen jonge talenten tussen 14 en 17 jaar uit achterstandswijken deelnemen, gecoacht door musici van het Concertgebouworkest en met uitvoeringen in Amsterdam en Brussel.’
 
RS: Het Concertgebouworkest werft ook continu voor instrumenten voor zijn musici.
FvW: ‘Ja, we hebben een enorme verjonging in het orkest gehad en die mensen moesten vaak een beter instrument krijgen dat past bij de kwaliteit van het orkest. Ook moeten blaasinstrumenten na een aantal jaren vervangen worden. Helaas zijn goede, oude muziekinstrumenten een investeringsobject geworden, dus peperduur. Vandaar dat we sparen en een reserve aanleggen om dit mogelijk te maken. Het is een aantrekkelijk, concreet geefdoel waaraan ook kleinere donateurs graag bijdragen.  De instrumentencollectie vertegenwoordigt trouwens een waarde van ruim zes miljoen euro.’
 
RS: De Foundation houdt een forse financiële buffer aan, waarom is dat?
FvW: ‘Dat is om het orkest draaiende te kunnen houden als er subsidie wegvalt of de recettes tegenvallen. In 2017 bedroeg het eigen vermogen 19 miljoen euro, maar dat vind ik te veel. Dat wil ik terugbrengen tot 10 miljoen, dat is voldoende. We zijn er niet om geld op te potten en er is tegenwoordig sprake van negatieve rente, dus te veel reserve loont niet. We hebben overigens ook geoormerkt vermogen van de 31 fondsen op naam die de Foundation  beheert. Dat mag uitgegeven, we hanteren een spending out-policy.’
 
RS: Particuliere donateurs zijn veruit de belangrijkste supporters van het orkest, hoe zit het met vermogensfondsen en sponsors?
ACE: ‘Dat is een stuk lastiger geworden, de afgelopen tien jaar. De vermogensfondsen die muziek in hun doelstelling hebben, willen doorgaans geen instelling ondersteunen die al subsidie ontvangt. Het onderhouden van verschillende fondsen is kansrijk op langere termijn, maar wel tijdsintensief. Ammodo is wel een fonds dat ons al jaren steunt. En bedrijven zijn sinds de recessie veel voorzichtiger geworden en willen veelal sponsoren in natura in plaats van met een financiële bijdrage. Het is veel meer marketing-driven, en partnerships zijn veelal op projectbasis, met een beperkte looptijd. Corporates willen steeds iets nieuws.’
FvW: ‘De concurrentie op sponsorgebied is bijna nog groter dan die op het private vlak. Het hangt vaak af van de persoonlijke affiniteit van de CEO, en als daar een nieuwe man komt met een andere hobby dan muziek, verandert ook het sponsordoel. En een orkest is natuurlijk vluchtiger dan een museum- wij zijn niet zeven dagen per week open zoals het Rijksmuseum, al zitten we ook aan het Museumplein. Een concert is vluchtig, na twee uur sta je weer buiten, en het bereik is minder met 2.000 stoelen per avond. Ook is het orkest vaak in het buitenland en hier dan onzichtbaar. Dat is overigens wel juist onze onderscheidende kracht. We spelen 1 derde van onze concerten in het buitenland . Daarom kijken we steeds meer naar Nederlandse concerns die internationaal actief zijn. Heineken bijvoorbeeld steunde mede het project RCO Meets Europe.’
 
RS: Dreigt er geen kannibalisering van de particuliere donateurs?
FvW: ‘We zien nog steeds nieuwe schenkers komen, dus de rek is er kennelijk niet uit- al is er inderdaad overlap met de omringende musea. Gelukkig hebben we ook een paar zeer vermogende betrokkenen die matching gifts beschikbaar stellen, zodat een donatie van bijvoorbeeld een half miljoen wordt verdubbeld. We merkten wel dat het makkelijker werven is voor ‘stenen’:  het RCO House is een mooi monumentenpand, schenkers kunnen hier terecht en we hebben nu een hal waar we een bord kunnen  ophangen met naamsvermelding voor wie dat wil. Dat helpt allemaal. ‘
ACE:  ‘De urgentie van het project heeft uiteraard geholpen om zo’n groot bedrag bij elkaar te krijgen. Een de eenmaligheid in de geschiedenis van het orkest. Alleen, na zo’n groot project kun je mensen niet meteen opnieuw om een grote gift vragen. Dan moet je inderdaad oppassen met óvervragen. We richten ons trouwens beslist niet alleen op grote gevers, juist de kleinere donateurs vormen het bredere draagvlak van het orkest.’
 
RS: Hebben jullie gemerkt dat het ontslag vorig jaar van de vaste dirigent van het Concertgebouworkest, Daniele Gatti , invloed gehad op de geefbereidheid?
FvW: ‘Natuurlijk was de periode rond het opzeggen van de overeenkomst met Gatti een verdrietige periode. Toch zijn de donateurs ons volledig blijven steunen in de wetenschap dat ongeacht wie de chef dirigent is, steun noodzakelijk blijft om de kwaliteit zo hoog te houden. Geen opzeggingen in elk geval- nu en dan wel discussie. Maar een aantal grote donateurs hebben zich meteen met begrip neergelegd bij het besluit van het bestuur van de vereniging van musici, unaniem gesteund door het algemeen bestuur. De donateurs hadden hier geen stem in, al ben ik wel permanent op de hoogte gehouden over de ontwikkelingen rond dit trieste geval.’
ACE: ‘Over Gatti hebben we heel bewust ook naar schenkers gecommuniceerd. We hebben onze stakeholders op de hoogte gebracht voor zover dat kon in het traject. Eerlijk gezegd heb ik heel veel steun uit de gesprekken gekregen en respect voor onze aanpak. Een enkeling had vraagtekens of was het er niet mee eens. Maar we hebben geen gevolgen ervaren in de geefbereidheid.’
 
RS: Zijn er nieuwe manieren van werven gepland in de nabije toekomst?
FvW: ‘We denken na over adopteeracties en andere aantrekkelijke manieren om gevers te activeren. Dat maakt het geven nog persoonlijker. Aan de andere kant: je moet je musici ook beschermen, ze zijn geen eigendom van private gevers. We zijn er nog niet uit of we dit willen doorzetten. 
We hebben zes buitenlandse geefkringen, in België, Zwitserland, Engeland en de VS. Die worden veelal gedragen door Nederlanders die in die landen werken en wonen. De Duitse en Franse geefkringen bestieren we zelf, vanuit Nederland. We kijken nu naar Azië, maar niet ieder land is geschikt voor dit concept. Japan bijvoorbeeld heeft nauwelijks een geefcultuur en Chinezen dragen vooral bij aan Chinese kunst.’
ACE: ‘ Ook is de vraag hoeveel relaties je kunt onderhouden met je afdeling development van 11 fte. Het opstarten van zo’n kring vergt al veel voorbereiding, maar het draaiende houden en succesvol maken nog veel meer.’
Dit interview verscheen ook in het gedrukte kwartaalmagazine The Fundraiser #2, dat vanaf editie 6 zal verschijnen als gecombineerde uitgave van De Dikke Blauwe en The Fundraiser. Je kunt losse edities hieronder bestellen.

Bestel nu het tijdschrift The Fundraiser / De Dikke Blauwe

Dit magazine kost € 8,95. Vul onderstaand formulier in en click op 'Nu bestellen'. Velden gemarkeerd met een rood streepje zijn verplicht. Verzendkosten binnen Nederland en België bedragen €2,50.
Ik bestel hierbij:





Voornaam
Achternaam
Organisatie
BTW-nummer
Adres
Postcode
Plaats
Telefoon
E-mail
Actiecode
Ik wil meer dan 1 exemplaar bestellen, namelijk:
Betalingsverplichting

gerelateerde items