Toon alles (1)
Edwin Venema

Oncoloog hekelt oorlogsretoriek van o.a. KWF Kankerbestrijding

17 september 2016, 20:00
'Vechtcultus' is eerder schadelijk dan behulpzaam
'Vechtcultus' is eerder schadelijk dan behulpzaam
'Noem genezen van kanker geen overwinning'. Onder deze kop neemt chirurg oncologie dr. Schelto Kruijff in NRC Handelsblad met een ingezonden artikel afstand van de 'oorlogsretoriek' die o.a. door KWF Kankerbestrijding wordt gehanteerd in 'de strijd tegen kanker.' 'Mensen met kanker overkomt van alles; zij ondergaan de therapie. In het ziekenhuis zien we daarom weinig 'gevechten; plaatsvinden maar wel zieke, onzekere patientendie zich overgeven en geen andere keuze hebben dan te vertrouwen op hun behandelaars.'
 
Door consequent te praten over 'de strijd tegen kanker', gaat de aandacht te veel uit naar de behandeling en te weinig naar de uitbehandelde eindfase, meent Schelto Kruijff: 'Het was afgelopen week weer overal te horen en te lezen: tijdens de KWF-collecteweek ging het over ‘vechten tegen kanker’, over hoop en doorbraken. Wanneer we het over kanker hebben, moeten onze geliefden zich ‘positief opstellen’ en vooral knokken tegen hun ziekte. We bewonderen sporthelden die overleven dankzij een ‘gevecht’ tegen hun ziekte. Ook de omstanders willen vaak iets doen en vechtlust tonen. Hier spelen instituten zoals KWF op in door gesponsorde wieler- en zwemevenementen te organiseren zoals de Ride for the roses en de Alpe DuZes met de bijbehorende slogan ‘opgeven is geen optie’.
 
'Vechtcultuur'
De 'vechtcultuur' schept volgens De Kruijff het idee dat je met positieve gedachten jouw eigen strijd zou kunnen winnen. Olympisch zwemkampioen Maarten van der Weijden is volgens hem een uitzondering. Deze zegt steevast dat hij geluk had toen hij leukemie overleefde en dat hij nooit heeft ‘gevochten’.
 
Niet gelukkiger
Het probleem met de vechtgedachte is volgens De Kruijff 'dat er jaarlijks in Nederland 40.000 mensen aan kanker sterven die kennelijk dus wel hebben opgegeven. Waren deze mensen te negatief? De bekende winnaars gaan zelfs een stapje verder door te claimen gelukkiger te zijn dan vóór de ziekte.'
Die claim wordt door onderzoekers Maya Schroevers en Robert Sanderman (Rijksuniversiteit Groningen) onderuit gehaald. Zij volgden 206 ex-kanker-patiënten en vergeleken hen met 120 gezonde mensen tot 8 jaar na de diagnose. De overlevenden lieten gedurende deze periode geen toename zien van levensvoldoening en het overleven van kanker bleek geen ervaring die je gelukkiger maakt. Wel hebben ex-kankerpatiënten meer lichamelijke klachten dan hun gezonde evenbeelden.
 
Verkeerde verwachtingen
De Kruijff: 'Op de site van het KWF staat de volgende slogan: ‘Samen komen we steeds dichterbij. Dichter bij nog meer kennis (…) en betere behandelingen. Dichter bij de dag dat niemand meer hoeft te sterven aan kanker.’ Deze uitspraak schept met de huidige kennis verkeerde verwachtingen volgens de oncoloog. Integendeel: 'Ondanks dat er ook jonge mensen en kinderen aan kanker sterven, is de ziekte getalsmatig met name een ziekte van de ouder wordende mens. Het fenomeen komt voort uit het toenemende falen van de reparatiemechanismen van onze eigen ouder wordende cellen en is helaas de prijs die we betalen voor het succes van de verkregen ouderdom. Daarom zal ‘de dag dat niemand meer hoeft te sterven aan kanker’ helaas nooit komen.'
 
Vechtcultus schadelijk
Volgens De Kruijff zullen we met deze wetenschap op een bepaalde manier mee moeten leren leven: 'Als we accepteren dat we met kanker moeten leven, begrijpen we ook waarom die vechtcultus zo schadelijk kan zijn. Ons verblijf op deze aarde is kort. Het enige wat dus relevant kan zijn, is kwaliteit van leven en niet per se de lengte ervan. Het zou verstandiger zijn de kwaliteit van leven meer op een voetstuk te plaatsen in plaats van alleen de tijdsduur.'
 
Blinde behandelreflex
Volgens De Kruijff houdt hij zeker geen pleidooi tegen medische behandelingen bij mensen met kanker: 'Allerminst. En ook zeker niet tegen optimisme bij mensen die ziek zijn. Nog minder. Alleen met welke stip aan de horizon we dat doen, is van groot belang. De vechtparadox kan een blinde behandelreflex veroorzaken en zorgen voor het ontbreken van een kritische cultuur ten aanzien van de grenzen.'
 
Palliatieve eindfase
De aandacht zou volgens De Kruijff moeten liggen op het 'achterhoedegevecht': de palliatieve eindfase thuis. Het ‘doorknokken’ zorgt volgens De Kruijff ook voor een tekort aan aandacht voor de mensen om de patiënt heen: 'Kanker treft niet alleen de patiënt maar ook de partner, kinderen en de familie. Je bent samen ziek. In de vechtcultuur is geen ruimte voor acceptatie of denken over de toekomst. Nadat de strijd is verloren, rest er leegte.'
 
Weinig 'gevechten'
De Kruijff: 'Tot slot impliceert het ‘vechten’ dat je zelf aan de knoppen draait maar dat is niet zo. Mensen met kanker overkomt van alles en hebben veelal een passieve rol. Zij worden behandeld en ondergaan de therapie. In het ziekenhuis zien we daarom weinig ‘gevechten’ plaatsvinden maar wel zieke, onzekere patiënten die zich overgeven en geen andere keuze hebben dan te vertrouwen op hun behandelaars. Daarnaast hopen ze. Hoop op een behandeling met goed resultaat en op een beetje geluk, net als Maarten van der Weijden.'
 
►Bron: NRC Handelsblad
 
 
gerelateerde items