Dan Pallotta: ‘We houden onszelf klein'

11 maart 2010, 08:59

Op uitnodiging van Emolife, specialist in event-fondsenwerving, sprak fondsenwerver/econoom Dan Pallotta op 4 maart een zaal met medewerkers van goede doelen toe. En trapte de nodige heilige huisjes in elkaar. ‘We houden onszelf klein.’

Misplaatste ethische zelfregulering
Pallotta: ‘Het klassieke denken over filantropie en dan vooral het werven van fondsen is contraproductief. Misplaatste ethische zelfregulering.’
Volgens Pallotta is het allemaal begonnen bij de Puriteinen, zeer rechtzinnige en principiële protestanten die de nieuwe wereld hebben veroverd. De Puriteinse geest (zeer kapitalistisch en uitgaand van eigen kracht, maar tegelijkertijd getekend door schuld, boete en soberheid) heeft de VS gemaakt tot wat zij nu is. En in Noord-Europa is dat niet veel anders. Want daar kwamen de Puriteinen vandaan, net zoals andere calvinisten. Niet gek dus dat de Amerikaanse cultuur zo goed aansluit bij die van Noord-Europese, calvinistisch/protestants gekleurde culturen.
En dat geldt volgens Pallotta ook voor de Katholieken in Noord-Europa, al trachtte Theo Schuyt (‘Ik ben geen calvinist, ik ben van RK-huize’) zich nog even aan deze grondstroom te onttrekken.

Kapitalisme en filantropie, schuld en boete
Wat heeft die calvinistische cultuur betekend voor de filantropie? Allereerst dat geld verdienen en land van Indianen afpakken, niet vies is. Als je daar maar iets goeds tegenover stelt. Je mag enorme sommen verdienen aan hamburgers, computers, en zelfs aan alcohol of wapens, als je maar veel geld van je rijkdom geeft aan de ‘armen’.
Schuld en boete, inderdaad. In het bedrijfsleven maak je natuurlijk gebruik van de allernieuwste technologie en marketing, je innoveert en durft ook eens op je bek te gaan. Want zo werkt het kapitalisme: alleen door fouten te maken en nieuwe dingen te durven ondernemen, ontwikkel je je bedrijf en je product.

Goed doen moet pijn doen
De filantropie daarentegen, moet pijn doen. Dus niet te modern en geavanceerd goed doen, maar echt een ‘lijden’. Geld en tijd opofferen en zo min mogelijk geld ‘verspillen’ aan bedrijfskundige methoden. Pallotta kent het woord ‘strijkstok’’ niet, maar bij ons Nederlanders komt dat onmiddellijk naar boven.
Goed doen moet sober zijn en pijn doen. Dan doet het dan ook, betoogt Pallotta. Niet alleen bij elk individu, maar vooral bij de sector als geheel.

In de wurggreep van de knulligheid
Terwijl Apple en Google innoveren en experimenteren en daarmee enorme winsten genereren, houden we onze goede doelen organisaties in een angstige wurggreep van knulligheid. Reclame maken? Coca-Cola mag het wél, maar als Unicef diezelfde peperdure spotjes en pagina’s zou vullen, roept ons publiek en wijzelf, moord en brand. Pallotta: ‘Stel je eens voor dat BMW en Kellogg’s alleen gratis of heel goedkoop zouden mogen adverteren? Dat vinden we van charities heel gewoon. Blijkbaar achten we als samenleving plastic speelgoed en hamburgers belangrijker dan de strijd tegen Aids en borstkanker.’
Investeren in professionele marketing is namelijk te ‘commercieel’ en daarom verwerpelijk. Gek genoeg accepteren we een wereld waarin veel meer reclame voor soms slechte producten is toegestaan dan voor belangrijke maatschappelijke doelen.

Die ene dodelijke vraag…
De verschillen tussen het reguliere bedrijfsleven en de charisector zijn gigantisch. Er is geen stockmarket, er is nauwelijks innovatie, er is geen winst als incentive om het beter te doen en er is een overdreven nadruk op kortetermijnresultaten. En dat is, zo weet elke fondsenwerver, erg lastig. Investeringen in marketing en fondsenwerving komen nu eenmaal zelden binnen een half jaar terug.
Alle verschillen tussen de beide systemen zijn samen te vatten in die éne vraag: ‘Welk deel van het budget wordt direct besteed aan de missie/het project/het doel?’
Pallotta: ‘Ik wil dat geen enkele fondsenwerver bij een goed doel deze vraag nog stelt. Je vraagt toch ook niet aan een automerk welk deel van het budget regelrecht naar de bouten en de moeren gaat? Dat doet toch afbreuk aan het complexe proces van auto’s ontwikkelen en fabriceren?’

Minder strijkstok, maar minder opbrengst
Pallotta weet waarover hij het heeft. Zijn eigen bedrijf, gespecialiseerd in event-fondsenwerving, deed het prima in de VS. Enorme opbrengsten voor belangrijke doelen. Maar toen duidelijk werd dat Pallotta TeamWorks flink winst maakte en er zelf goed aan verdiende, keerde de publieke opinie. Het bedrijf ging failliet en goede doelen deden het kunstje voortaan zelf. Met minder investeringen. Helaas: met desastreuze gevolgen. De kosten daalden weliswaar, de opbrengsten nog veel meer.

‘Schijntransparantie en creatief boekhouden’
‘Als we nadruk leggen op een lage overhead, krijgen we die ook. Alsof dat een doel op zich is. Terwijl het in de filantropie gaat om het oplossen van enorme problemen. Dáár moet al onze energie en talent naartoe gaan.’
Bovendien voeden we zo onze donateurs op met het idee dat schrale bedrijfsvoering het enig juiste is. Pallotta: ‘We onthouden ze de essentiële informatie.’ En iedereen weet natuurlijk dat je door een beetje creatief te boekhouden, een schijntransparantie kunt creëren. Wie heeft er nooit een marketingactie als ‘voorlichting’ opgevoerd?

‘Chari’s moeten added value bieden’
Bert Cocu van Emolife, die Pallotta uitnodigde: ‘Investeren en innoveren is absoluut noodzakelijk. Maar alleen hogere salarissen zullen niet meteen de kwaliteit van de mensen die in de sector verbeteren. Daar is nog veel meer voor nodig. Ons hele denken moet veranderen, de laatste sporen geitewollensokken moeten er echt uit.’
Een fondsenwerver in de zaal bood zijn excuses aan: ook hij had als klant Emolife de duimschroeven aangedraaid om zo min mogelijk overheadkosten te maken.
Het panel (met onder anderen ceo’s van WWF België en CliniClowns) was het er wel over eens dat het in de filantropie veel meer moet gaan om ‘added value’ en leiderschap. En dat dat onvermijdelijk geld kost. Misschien.

Amerikaans, maar zinnig
Pallotta’s boodschap maakte indruk, al benadrukte Gosse Bosma (VFI) dat ‘Nederland natuurlijk geen VS is’. En dat er naast de 25% regel van het CBF ook een gedragscode is die méér omvat. Dat is waar en Pallotta’s onbeperkte vertrouwen in de zegeningen van het kapitalisme is erg Amerikaans. Ook zijn de salarisverschillen tussen chari’s en andere bedrijven in Nederland minder schrijnend dan in de VS.
Maar iedereen die wel eens voor een schijntje aan een houtje-touwtjecampagne heeft moeten werken, herademde bij Pallotta’s betoog. Investeren in goede mensen en de nieuwste professionele technieken zou de hele sector enorm vooruit brengen. Als we dat nog eens zouden kunnen meemaken! Pallotta’s visie is te vinden in zijn zeer leesbare boek ‘Incharitable’ (2009).

gerelateerde items