Bruisend Civil Society op inspirerende locatie

7 juli 2011, 08:59
AMSTELVEEN (7 juli) - Was het het onderwerp of de locatie? Feit is dat Civil Society in geen jaren zo levendig is geweest. Zoals altijd wisten de verhalen van individuele mensen weer het meest te raken.


‘Wel ver weg.' ‘Ik kom nooit in Amsterdam-Noord.' Het obligate gemopper op de niet voor de hand liggende locatie, het Ronald Mc Donald Centre in Amsterdam-Noord, verstomde al snel. Want het Centre maakt indruk. Hier geen apart hoekje of veldje voor de gehandicapte jonge sporter; nee, hier draait alles om de groep die bij reguliere sportclubs vaak niet mee mag doen.


Uitgangspunt: omgekeerde integratie

Het Ronald McDonald Centre is het geesteskind van Dennis Gebbink, die toen hij een zoon kreeg met een beperking, opeens geconfronteerd werd met de harde sportwereld, waar alleen plaats was voor de besten en de snelsten. Gebbink realiseerde zijn droom en hoe! Het Ronald Mc Donald Centre is nu hét voorbeeld van een volledig uitgerust centrum waar werkelijk met elke beperking rekening is gehouden. Ook de families van de sporters komen hier op adem. Hier hoef je je niet te generen voor je autistische zoon, hier krijgt je spastische dochtertje geen tersluikse blikken. De ‘gewone' mens moet zich maar eens aanpassen.


Rondleidingen de meest succesvolle sessies

Gebbink (geridderd, Amsterdammer van het Jaar 2007) was een van de eerste sprekers van het congres en wist zijn verhaal voor de zoveelste keer prachtig te brengen. Geen wonder dat even later de animo voor een rondleiding onder leiding van Gebbink enorm was. Zo groot zelfs, dat andere sessies er een beetje kaal bij zaten. Iedereen wilde Gebbinks centrum zien en zijn toelichting horen. Mooiste zin: "Mijn levensverhaal begon 19 jaar geleden, toen mijn zoon geboren werd."


Niet altijd het verschil benadrukken

Ook presentator Aldith Hunkar droeg bij aan de geanimeerde sfeer. Geestig en adrem leidde ze de congresgangers door de dag. Het plenaire ochtendprogramma was sterk. Boris Dittrich met een aansprekend verhaal over zijn tijd als ‘beginnend homo' in de conservatieve advocatencultuur en hoogleraar Haleh Ghorashi die krachtig haar punt maakte. "We zijn veel te gefocust op de ander. Op de verschillen. Dat is een verkeerd uitgangspunt. Het gaat om ons allen. Wij zijn allemaal uniek, op onze eigen manier en we zullen het samen moeten rooien. Als we hetzelfde waren, was er geen communicatie nodig, maar we zijn niet hetzelfde en zullen moeten nadenken over onze verhouding met alle anderen. Sommige soorten van anders-zijn zijn pregnanter. Die confronteren ons meer met onze eigen identiteit. Laten we eens uitgaan van onszelf en onze eigen denkwijzen. Ook als non-profit organisatie moet je ook je eigen mandaat eens ter discussie stellen." Ghorashi pleit voor het opzoeken van ‘tussenruimtes': de terreinen waarop we als mensen hetzelfde zijn en elkaar kunnen vinden.


Als vreemdeling ben je allereerst zielig

Ghorashi: "We zijn ons vaak niet bewust van de macht van het dominante denken. Nederland is een verzorgingsstaat. Wij staan altijd klaar om de ander te helpen. We zijn zo gefixeerd op achterstand dat we de kwaliteiten van anderen over het hoofd zien."

Ghorashi weet waarover ze het heeft: als hoogopgeleide vluchteling uit Iran kreeg ook zij in Nederland te maken met alle vooroordelen. "Want ik was vrouw, moslim, onderdrukt en gevlucht."


Geen slachtoffer, maar een survivor

Ook Arjan Erkel (vooral bekend als ex-gegijzelde, nu adviseur op het terrein van hoogopgeleide Young Ethnic Professonials kent het overheersende zieligheids-dogma. "Toen ik na twintig maanden gijzeling terug kwam naar Nederland, stond er een leger professionals voor me klaar om al mijn trauma's te verlichten. Met de beste intenties. Maar ik voelde me geen loser, ik voelde me een overwinnaar, een overlever. Ik had, mede door mijn eigen kracht, een grote beproeving, heel goed doorstaan."


Vooral niet doodknuffelen

Het thema ‘doodknuffelen van minderheden' kwam de hele dag in allerlei sessies naar voren. Het werkt niet, dat is wel duidelijk. Ook de jonge asielzoekers die via Meetingpoint (een initiatief van De Vrolijkheid) mensen uit het bedrijfsleven adviseren, hebben er een hekel aan. "Ze willen toch vaak vooral weten hoe erg we het hebben." De jongeren hebben de adviesvragers wel degelijk veel te vertellen. Hoe kun je je organisatie beter afstemmen op mensen die niet hetzelfde zijn als jezelf? Een congresbezoeker: "Ik heb voornamelijk gevraagd hoe ze het volhouden in zo'n asielzoekerscentrum. Hoe ze zo opgewekt bleven." Inmiddels is Meeting Point bezig een succes te worden. Fronnie Biesma van De Vrolijkheid: "Er is een enorme vraag."


Bekende geluiden over gender

De sessies en het Lagerhuisdebat over gender waren populair. Daar draait het om de vraag hoe we er voor kunnen zorgen dat vrouwen ook in Nederland, ook in de chari-sector, doorstromen naar de top. Want dat is nodig, heeft recent onderzoek van Vera Peerdeman en Corine Aartman laten zien. De gesprekken zijn vaak te kort om echt te diepte in te gaan, maar alle bekende (voor)oordelen komen langs. ‘Ze willen zelf niet.' ‘Het ligt aan de kinderopvang.' ‘Vrouwen weten zich niet te verkopen.' ‘Vrouwen gunnen elkaar geen goede carrière.' ‘Er zijn geen goede vrouwen te vinden.'


Quota móeten

Allemaal waar misschien, maar het is nu tijd voor een doorbraak, daar is iedereen het over eens. Niet dat vrouwen zielig zijn, maar quota zouden beslist helpen. "Anders gebeurt het nóóit", aldus een oudere congresgangster. "Geloof mij maar, ik heb al zo veel pogingen zien sneuvelen." Een jongere vrouw durft nog op te merken dat "vrouwen toch ook heel nuttig kunnen zijn in vrijwilligerswerk of op de school van hun kinderen". Ze staat duidelijk alleen. "Ze komt er nog wel achter", zegt de oudere vrouw. Wat ook heel goed werkt: mentorprogramma's en vrouwelijke rolmodellen.


De laatste mannelijke directeur van de Hartstichting

Een van de hoogtepunten van dit levendige congres: de ondertekening van het Charter Talent naar de Top (bekend door haar voorzitter en oud-minister Sybilla Dekker) door Hans Stam, directeur Hartstichting  Het charter bevat een code met heldere afspraken voor het realiseren van m/v diversiteit aan de (sub) top. De Hartstichting verbindt zich hiermee tot het opstellen van diversiteitsbeleid en streefcijfers over het percentage vrouwen dat doorstroomt naar de top. "Ik ben de laatste mannelijke directeur van de Hartstichting." Monique van 't Hek, directeur Plan Nederland: "Bij ons is 60 procent vrouw, maar ik ben de allereerste vrouwelijke directeur."


Ze wáren er gewoon

Een geslaagd congres, daar was iedereen het over eens. Natuurlijk was er nog even gemopper op de prijs van het congres en zelfs op de locatie, maar dat laatste werd zeker niet gedeeld. Een tevreden bezoeker: "Ik heb in geen jaren zo'n zinnige bijeenkomst gehad. Alle mensen over wie we het altijd hebben, wáren hier gewoon. Ik heb gesproken met een dove, ik heb mensen met een beperking zien sporten en ik heb heel goed gepraat met een jonge asielzoeker. Ik voel me geïnspireerd."


Over 2 weken in FM : meer Civil Society
gerelateerde items